EEN CLUB'HUIS' VAN FORMAAT

Een club’huis’ van formaat

In 1959 treedt het ss Rotterdam in dienst bij de Holland-Amerika Lijn als vlaggenschip. Het is het grootste passagiersschip ooit in Nederland gebouwd (lengte over alles: 228,12 meter, breedte: 28,65 meter, hoogte kiel tot bovenkant pijpen: 49,83 meter, diepte: 9,00 meter) en een van de meest succesvolle schepen die de wereldzeeën heeft bevaren. Ze heeft haar oorspronkelijke karakter als lijnschip en, later, als cruiseschip vrijwel volledig behouden. Het is een uniek cultureel, industrieel en maritiem monument. Na veel omzwervingen ligt ze vanaf 24 augustus 2008 volledig gerestaureerd en aangepast in de Maashaven te Rotterdam  als een ‘reis vol beleving’.

Rotterdam-2

Vernieuwend

Het ss Rotterdam is in 1959 een totaal nieuwe verschijning in de scheepvaart. Het is het eerste passagiersschip met twee rookkanalen in plaats van een of meerdere schoorstenen. De plaatsing van de rookkanalen is op driekwart van de scheepslengte van voor naar achter gezien. Het ontwerp en de plaatsing van de rookkanalen hebben ermee te maken dat de ontwerpers ervoor willen zorgen dat er minder roetneerslag op de dekken terecht komt. Op de voorganger van het ss Rotterdam, het ss Nieuw Amsterdam is dit namelijk een probleem: iedere dag moeten matrozen de dekken achter de schoorstenen schoon schrobben. Door twee van elkaar gescheiden rookkanalen te plaatsen, kan de wind roet wegblazen en als ze dan ook nog op driekwart van de scheepslengte staan, is er nauwelijks ruimte voor roetneerslag op de achterliggende dekken. Er schuilen nog meer vernieuwingen achter het ontwerp van het schip die verklaren waarom het schip in haar lange varende leven (van 3 september 1959 tot eind september 2000) zo weinig aanpassingen nodig heeft gehad en zo succesvol is, tot op de dag van vandaag.

HAL-Old-Ships-Rotterdam-V-Aft-Deck-Pool

Briljant

De directie van de Holland-Amerika Lijn (opdrachtgever voor de bouw van het schip) ziet in 1956 reeds in dat het opkomende straalvliegtuig het intercontinentale passagiersverkeer per schip, waar de Holland-Amerikalijn het grotendeels van moet hebben, volledig gaat overnemen (visie!). Ze besluiten daarom dat het te bouwen lijnschip alleen een succesvolle toekomst kan hebben als cruiseschip. Destijds is er echter een cruciaal verschil tussen een lijnschip en een cruiseschip: een lijnschip kent een verdeling van de passagiersaccommodatie in twee gescheiden klassen: de eerste klasse en de toeristenklasse. Een cruiseschip heeft dit onderscheid niet. Het schip moet dus zowel met gescheiden als ongescheiden klassen kunnen varen. Daarom bedenken de ontwerpers een flexibele oplossing door de ruimten op het schip ingenieus door elkaar heen te vlechten. Het schip krijgt twee klassen, waarvan de ruimten al naargelang het aantal passagiers groter of kleiner zijn te maken. Het verschil in klasse is nauwelijks in het comfort en de inrichting te zien, maar in de ruimte. Nieuw is ook dat elke klasse een eigen dek heeft: een horizontale scheiding in plaats van een verticale indeling waarbij de eerste klasse het middendeel, de tweede klasse het voorschip en de derde klasse het achterschip krijgt. Tijdens de lijnvaart met gescheiden klassen hebben passagiers zo de illusie dat ze van voor naar achter over een volledig schip beschikken.

HAL-Old-Ships-Rotterdam-V-Trails-Aug-1-6-59-aSchermafbeelding 2016-04-07 om 13.32.59

Flexibel

Cruciaal voor de mogelijkheid om op het ss Rotterdam de twee klassen te scheiden en de scheiding op te heffen, is het dubbel uitgevoerde centrale hoofdtrappenhuis. Het is bijzonder ingenieus ontworpen: bij lijnvaart kunnen de passagiers van beide klassen elkaar op de trap ongemerkt passeren. Scheidingswanden zorgen hiervoor; bij cruises zijn de scheidingswanden weg waardoor er een ‘normaal’ dubbel trappenhuis ontstaat. Tot halverwege de jaren zestig van de vorige eeuw hebben rederijen passagiersschepen laten bouwen, die deze flexibiliteit van het ss Rotterdam missen.

 

ss Rotterdam Captains' Club | EEN CLUB’HUIS’ VAN FORMAAT